Het File-object voorziet in methoden om informatie toegankelijk te maken, te lezen en te schrijven van en naar een bestand op de harde schijf. Je kunt bijvoorbeeld gegevens opslaan in de ene sessie van het programma en openen in een andere.
ReadContents
File.ReadContents(filePath)
Opent een bestand en leest de hele inhoud. Deze methode is snel bestanden die kleiner zijn dan 1MB, maar opvallend langzaam voor bestanden die groter zijn dan 10MB.
filePath
De volledige bestandslocatie van het in te lezen bestand. Een voorbeeld van een volledige bestandslocatie is c:\temp\leesmij.txt.
Returns
De volledige inhoud van het bestand.
WriteContents
File.WriteContents(filePath, contents)
Opent een bestand en legt de opgegeven inhoud er in vast, waarbij de oorspronkelijke inhoud word vervangen door de nieuwe.
filePath
De volledige bestandslocatie van het aan te maken bestand. Een voorbeeld van een volledige bestandslocatie is c:\temp\leesmij.txt.
contents
De inhoud die moet worden vastgelegd in het opgegeven bestand.
Returns
Als de bewerking met succes is uitgevoerd, wordt "SUCCESS" getoond. Anders "FAILED".
ReadLine
File.ReadLine(filePath, lineNumber)
Opent het gespecificeerde bestand en leest de inhoud op het opgegeven regelnummer.
filePath
De volledige bestandslocatie van het bestand waaruit gelezen moet worden. Een voorbeeld van een volledige bestandslocatie is c:\temp\leesmij.txt.
lineNumber
Het regelnummer van de tekst die ingelezen moet worden.
Returns
De tekst op de opgegeven regel van het gespecificeerde bestand.
WriteLine
File.WriteLine(filePath, lineNumber, contents)
Opent het gespecificeerde bestand en schrijft de inhoud op het opgegeven regelnummer.
Deze bewerking zal de reeds aanwezige inhoud op de opgegeven regel overschrijven.
filePath
De volledige bestandslocatie van het bestand waaruit gelezen moet worden. Een voorbeeld van een volledige bestandslocatie is c:\temp\leesmij.txt.
lineNumber
Het regelnummer dat aangeeft waar de tekst geschreven moet worden.
contents
De inhoud die op de opgegeven regel van het gespecificeerde bestand moet worden geschreven.
Returns
Als de bewerking met succes is uitgevoerd, wordt "SUCCESS" getoond, anders "FAILED".
InsertLine
File.InsertLine(filePath, lineNumber, contents)
Opent het gespecificeerde bestand en voegt de inhoud in op het opgegeven regelnummer.
Deze bewerking zal de reeds aanwezige inhoud op de opgegeven regel niet overschrijven.
filePath
De volledige bestandslocatie van het bestand waaruit gelezen moet worden. Een voorbeeld van een volledige bestandslocatie is c:\temp\leesmij.txt.
lineNumber
Het regelnummer dat aangeeft waar de tekst tussengevoegd moet worden.
contents
De inhoud die in het bestand moet worden ingevoegd.
Returns
Als de bewerking met succes is uitgevoerd, wordt "SUCCESS" getoond, anders "FAILED".
AppendContents
File.AppendContents(filePath, contents)
Opent het gespecificeerde bestand en voegt de inhoud toe aan het einde van het bestand.
filePath
De volledige bestandslocatie van het bestand waaruit gelezen moet worden. Een voorbeeld van een volledige bestandslocatie is c:\temp\leesmij.txt.
contents
De inhoud die moet worden ingevoegd aan het einde van het bestand.
Returns
Als de bewerking met succes is uitgevoerd, wordt "SUCCESS" getoond, anders "FAILED".
CopyFile
File.CopyFile(sourceFilePath, destinationFilePath)
Kopieert het specifieke bronbestand naar het gewenste bestandspad. Als het doel een bestandspad is dat niet bestaat, dan zal de methode proberen om het pad automatisch te creƫren.
Bestaande bestanden zullen worden overschreven. Het is beter om te controleren of de bestemmingsbestanden bestaan als je deze niet wenst te overschrijven.
sourceFilePath
De volledige bestandslocatie van het bronbestand dat gekopieerd moet worden. Een voorbeeld van een volledige bestandslocatie is c:\temp\leesmij.txt.
destinationFilePath
De bestandslocatie waar het doelbestand naartoe gekopieerd moet worden.
Returns
Als de bewerking met succes is uitgevoerd, wordt "SUCCESS" getoond, anders "FAILED".
DeleteFile
File.DeleteFile(filePath)
Verwijdert het opgegeven bestand.
filePath
De bestemminsglocatie of het pad naar het bestand. Een voorbeeld van een volledig pad wordt c:\temp\settings.data.
Returns
Als de bewerking met succes is uitgevoerd, wordt "SUCCESS" getoond, anders "FAILED".
CreateDirectory
File.CreateDirectory(directoryPath)
Maakt de opgegeven map aan.
directoryPath
De volledige locatie van de map die moet worden aangemaakt.
Returns
Als de bewerking met succes is uitgevoerd, wordt "SUCCESS" getoond, anders "FAILED".
DeleteDirectory
File.DeleteDirectory(directoryPath)
Verwijdert de opgegeven map.
directoryPath
De volledige locatie van de map die verwijdert moet worden. Een voorbeeld van een volledige maplocatie is c:\temp.
Returns
Als de bewerking met succes is uitgevoerd, wordt "SUCCESS" getoond, anders "FAILED".
GetFiles
File.GetFiles(directoryPath)
Bepaalt de lijst van bestanden in een gegeven map.
directoryPath
De map waarvan bepaald moet worden welke bestanden er in aanwezig zijn.
Returns
Als de bewerking met succes is uitgevoerd, levert dit bestanden in een matrix op, anders "FAILED".
GetDirectories
File.GetDirectories(directoryPath)
Bepaalt de lijst van mappen in een gegeven map.
directoryPath
De map waarvan bepaald moet worden welke submappen erin aanwezig zijn.
Returns
Als de bewerking met succes is uitgevoerd, levert dit lijst van mappen in een matrix op, anders "FAILED".
GetTemporaryFilePath
File.GetTemporaryFilePath()
Maakt een nieuw tijdelijk bestand aan in een tijdelijke map en geeft de volledige bestandslocatie.
Returns
De volledige bestandslocatie van het tijdelijke bestand.
GetSettingsFilePath
File.GetSettingsFilePath()
Verkrijgt het volledige pad van het instellingen bestand voor dit programma. Het instellingenbestand is gebaseerd op de programmanaam en is aanwezig in dezelfde locatie als het programma.
Returns
De volledige bestandslocatie van het bestand met instellingen voor dit programma.